De droogte houdt aan en de gevolgen voor de binnenvaart worden groter. De Rijnafvoer blijft extreem laag, op verschillende vaarwegen gelden ingrijpende maatregelen en meerdere sluizen zijn volledig gestremd. Ook de vooruitblik voor de Duitse Rijn biedt weinig perspectief op een structurele verbetering.
Landelijk blijft sprake van niveau 2: een feitelijk watertekort. De verwachting is gelukkig dat dit de komende weken ook zo blijft. Waterbeheerders nemen steeds verdergaande maatregelen om zoetwater vast te houden, de stabiliteit van waterkeringen te beschermen en verzilting tegen te gaan.
Rijn bij Lobith blijft extreem laag
Uit de actuele gegevens van Waterinfo blijkt dat de Rijnafvoer bij Lobith rond 650 m³/s ligt. De waterstand bedraagt circa NAP +6,40 meter. Daarmee blijft de Rijn historisch laag voor de tijd van het jaar en ligt de afvoer ver onder het LCW-criterium van 1.100 m³/s voor augustus.
Door beperkte neerslag in het stroomgebied kan de afvoer de komende dagen mogelijk licht stijgen naar ongeveer 700 m³/s. De onzekerheid is echter groot: zowel een daling richting 625 m³/s als een stijging tot boven 750 m³/s is mogelijk. De verwachting is dat de afvoer in ieder geval de komende vijftien dagen onder het LCW-criterium blijft.
Recordlaag peil bij Kaub
Ook op de Duitse Rijn is de situatie uitzonderlijk. Bij Kaub werd vanochtend een waterstand van circa 19 tot 20 centimeter gemeten. Daarmee ligt het peil onder het eerdere laagterecord uit 2018.
Voor de eerstkomende dagen verwacht ELWIS slechts een beperkte stijging. De waterstand bij Kaub komt naar verwachting kortstondig rond 30 centimeter uit, waarna opnieuw een daling wordt voorzien.
De zeswekenverwachting van de Duitse Bundesanstalt für Gewässerkunde laat eveneens een ongunstig beeld zien. Voor alle zes weken, tot halverwege september, vallen vrijwel alle berekende scenario’s bij Kaub in de laagste waterstandsklasse. In afzonderlijke scenario’s kan tijdelijk herstel optreden, maar de verwachting als geheel wijst op aanhoudend zeer lage waterstanden. Daarbij geldt dat de onzekerheid groter wordt naarmate de verwachting verder vooruitkijkt.
Voor de scheepvaart betekent dit dat ook de komende weken rekening moet worden gehouden met forse diepgangbeperkingen, kleinere ladingen en een complexere transportplanning.
Maas blijft lager dan gemiddeld
De daggemiddelde afvoer van de Maas bij Sint Pieter schommelt rond 25 tot 35 m³/s. Dat is aanzienlijk lager dan het langjarig gemiddelde van ongeveer 80 m³/s voor deze periode.
Neerslag in het stroomgebied kan voor een beperkte stijging zorgen. Een dagelijkse afvoer van ongeveer 50 m³/s is mogelijk, maar de verschillende weermodellen lopen sterk uiteen. De verwachting voor de Maas blijft daardoor onzeker. Op de Noord-Brabantse en Midden-Limburgse kanalen en op de Maas kunnen door waterbesparend schutten wachttijden van maximaal twee uur ontstaan.
Twentekanalen volledig gestremd
De Twentekanalen zijn volledig gestremd voor de scheepvaart. Door de zeer lage waterstand op de IJssel kan onvoldoende water naar de kanalen worden gepompt. Beperkt schutten, extra pompinstallaties en regionale onttrekkingsverboden leverden onvoldoende resultaat op.
De derde tijdelijke pompinstallatie bij Eefde is inmiddels operationeel. Vanwege het lage water is nog onzeker hoeveel extra capaciteit deze installatie daadwerkelijk kan leveren. De stremming is nodig om het kanaalpeil op orde te houden en de stabiliteit van de kades langs het kanaal Almelo-De Haandrik te beschermen.
Parksluizen volledig gesloten
Sinds 5 augustus zijn de Parksluizen in Rotterdam volledig gestremd voor zowel de beroeps- als de recreatievaart. Ook de Buitensluis in Schiedam, de Monstersche Sluis in Maassluis en de Vlaardinger Driesluizen zijn gesloten.
Het Hoogheemraadschap van Delfland heeft hiertoe besloten vanwege de historisch lage aanvoer van Rijnwater en de toenemende verzilting van de Nieuwe Maas. Eerdere schutbeperkingen waren niet langer voldoende. Door de sluizen gesloten te houden, wordt naar verwachting ongeveer 1 m³ zoetwater per seconde bespaard.
Overige beperkingen voor de scheepvaart
Op meer plaatsen gelden stremmingen, schutbeperkingen en beperkingen van de beschikbare vaardiepte:
-
Op de Nederrijn en Lek wordt bij sluis Amerongen geclusterd geschut.
-
Bij de sluizen van IJmuiden wordt geclusterd geschut. Dit kan vertraging opleveren.
-
Bij de Marksluis wordt slechts drie uur per dag geschut.
-
Op het Kanaal Gent-Terneuzen geldt een diepgangbeperking van 12,35 meter.
-
Bij Terneuzen wordt geclusterd geschut. De Nieuwe Sluis Terneuzen en de Westsluis worden gebruikt in een venster van vier uur voor tot vier uur na laagwater. Voor de Oostsluis geldt een venster van twee uur voor tot twee uur na laagwater.
-
Het zoutgehalte in het Kanaal Gent-Terneuzen loopt verder op. Onderzocht wordt of water vanuit de Schelde naar het kanaal kan worden gepompt.
Ondiepten en versmalde vaargeulen
Rijkswaterstaat geeft op de Waal drie Minst Gepeilde Diepten (MGD’s) uit. Ook op de IJssel, het Pannerdensch Kanaal, de Nederrijn en de Lek leveren de beschikbare vaardiepten beperkingen op.
Op de Waal bij rivierkilometer 876,8 is de vaargeul vanwege een ondiepte versmald van 150 naar 115 meter. Op het Pannerdensch Kanaal is bij rivierkilometer 868,3 de betonning tien meter verplaatst. Hierdoor is ongeveer twintig centimeter extra doorvaartdiepte beschikbaar.
Bij een verdere daling kan het nodig zijn om aanvullende verkeersmaatregelen te nemen. Rijkswaterstaat houdt onder meer rekening met de mogelijkheid van eenrichtingsverkeer in te stellen op de IJssel wanneer de MGD onder 1,45 meter komt of de afvoer bij Lobith daalt tot 600 m³/s of lager.
KBN volgt de ontwikkelingen
KBN volgt de actuele waterstanden, stremmingen en waterverdelingsmaatregelen nauwgezet. Daarbij vragen wij voortdurend aandacht voor de bereikbaarheid van bedrijven, de gevolgen voor vervoersketens en tijdige, duidelijke communicatie over nieuwe maatregelen.
Actuele informatie is te vinden via de Droogtemonitor van Rijkswaterstaat, Waterinfo, ELWIS en Vaarweginformatie.